‘Je merkt dat je het al snapt, nog vóór de toets ’

Op Het Hogeland College in Warffum draait leren niet alleen om cijfers of toetsen. In de klas letten docenten juist op hoe leerlingen leren tijdens de les. Dit heet formatief handelen. ’Je wilt continu weten waar je leerlingen staan, niet pas na een toets’, legt docent Nederlands en expert formatief handelen Marjan Sikkema uit. Leerling Jonah uit vwo 3 vertelt wat hij daarvan vindt.

Sinds vorig jaar zijn verschillende docenten begonnen met deze nieuwe manier van lesgeven. Een les verloopt in verschillende stappen, legt Marjan uit. ‘Eerst checken we de voorkennis: wat weten ze al? Daarna laten we ze zelf nadenken, vergelijken we hun antwoorden en bepalen we op basis daarvan wat de volgende stap is. En minstens zo belangrijk: leerlingen leren zelf herkennen wat kwaliteit is: als ze zelf weten wat goed is[MS1] , kunnen ze daar ook zelf naartoe werken’, zegt Marjan.

Direct inzicht

Docenten gebruiken verschillende manieren om te zien of leerlingen de stof echt begrijpen. Soms heel simpel: met wisbordjes schrijven leerlingen hun antwoord op en laten het direct zien. Zo zie je meteen wie de stof snapt en wie hulp nodig heeft. Ook handen opsteken kan al genoeg zeggen. Daarnaast doen docenten korte checks om te peilen hoe het gaat. Zo kan de uitleg meteen worden aangepast en blijft niemand achter.

Samen leren

Op school werkt een team aan het uitrollen van formatief handelen in alle lessen. ‘We bezoeken elkaars lessen en wisselen ervaringen uit’, vertelt Marjan. ‘Je moet echt anders naar je lessen kijken, en dan bedoel ik minder zenden.  en meer kijken en reageren. Dat vraagt een andere voorbereiding, maar het levert zoveel op. Je bereikt meer leerlingen. Niet alleen de snelle of mondige, maar echt iedereen.’ ‘We zijn lerend’, voegt Marjan toe. ‘We proberen dingen uit, kijken bij elkaar in de les en geven elkaar feedback. Soms werkt iets niet meteen, maar dat hoort erbij. Je blijft jezelf ontwikkelen.’ Volgens haar zit daar ook de kracht: ‘We vragen van leerlingen dat ze leren van fouten, en wij als docenten doen dat ook.’

Actief bezig

Jonah merkt dat hij nu vaker actief bezig is. ‘Bij Engels pak je elke les meteen een wisbordje en geef je antwoord op de vragen die op het bord staan. De docent checkt dan direct of je het snapt. Daardoor herhaal je steeds wat je geleerd hebt en blijft het veel beter hangen.’ Het verschil met hoe het eerder ging is duidelijk. ‘Eerst leerde je vaak pas vlak voor een toets en vergat je het daarna weer. Nu heb je het al zo vaak geoefend dat je minder hoeft te leren.’ Fouten maken voelt ook anders. ‘Het is geen toets, je krijgt er geen cijfer op en het is klassikaal, dus je bent niet de enige die het fout doet’, zegt Jonah. ‘Je ziet meteen: oh, dit is fout, daar moet ik de volgende keer op letten.’ En dat werkt: ‘Je weet gewoon beter hoe je ervoor staat, dat helpt.’ 

Wat Marjan ervan vindt? ‘Ik vind het heel leuk. Mijn lessen worden een stuk beter en dat is altijd mijn ambitie geweest. Ik wil gewoon een goede docent zijn. Dat leerlingen later zeggen: had je Nederlands van Sikkema? Dat was echt goed! Met deze nieuwe manier van lesgeven zie je alle leerlingen en worden de leerlingen niet over één kam geschoren. Daar doe ik het voor.’

 

Media
  • IMG_3786
  • _DSC2694

Contactgegevens